Samen bouwen aan circulariteit
Samen bouwen aan circulariteit
Hoe architect Marianne van Lochem en ontwerpleider Geerte Kotteman bij Openbaar Vervoer Terminal in Amsterdam Zuid het nieuwe normaal verkennen.
Een bouwproject van tien jaar, met strakke tijdsloten, complexe logistiek en hoge technische eisen lijkt misschien niet de meest voor de hand liggende plek om circulair te bouwen. Toch is dat precies wat architect Marianne van Lochem van Arcadis (namens het ingenieursbureau Zuidasdok) en ontwerpleider Geerte Kotteman (vanuit Bouwcombinatie Nieuw Zuid, waarvan Mobilis samen met Boskalis en Van Gelder deel uitmaakt) doen bij Zuidasdok. Hun intensieve samenwerking laat zien dat ontwerpen met hergebruikte materialen mogelijk is – als je maar durft te beginnen. “We zijn hier het nieuwe normaal aan het zoeken.” Circulair bouwen in de praktijk Openbaar Vervoer Terminal (OVT).
Circulariteit is een ambitie die zich moeilijk laat vangen in schema’s en standaardprocedures. Toch is het precies datgene waar architect Marianne van Lochem en ontwerpleider Geerte Kotteman zich dagelijks mee bezighouden bij het grootschalige project OVT. “We hebben elkaar gevonden op het aspect hergebruik.” zegt Geerte.
Hergebruik als gedeelde overtuiging
De samenwerking tussen Marianne en Geerte begon bij het metroperron en groeide uit tot een langdurig partnerschap in verschillende fasen van het project.
Het bijzondere is dat de circulaire keuzes juist in tijdelijke situaties tot bloei komen. Marianne licht toe: “We willen in die tijdelijke situatie ook circulair zijn.” Door te werken in opeenvolgende fases van tijdelijke stations, ontstaat ruimte om materialen te hergebruiken – bijvoorbeeld trappen, perronvloeren of balustrades. Die keuze is niet alleen duurzaam, maar ook praktisch: “Die trap is al op de locatie, dus je hoeft hem niet te transporteren naar Amsterdam Zuid vanaf de fabriek.”
Tussen idealisme en realisme
Hoewel het woord ‘circulaire economie’ snel valt in gesprekken over duurzaamheid, zijn Marianne en Geerte realistisch over waar ze staan. “Mensen gebruiken vaak het woord circulaire economie, maar dit is echt nog geen circulaire economie”, zegt Marianne. “Want het is gewoon incidenteel gebruik van elementen.” Zeker in de spoorwereld gelden strikte eisen, bijvoorbeeld voor bruggen of dragende constructies. Daar zijn biobased of secundaire materialen (nog) niet vanzelfsprekend toepasbaar.
Toch blijkt in de praktijk dat zelfs kleine stapjes al impact hebben. Geerte berekende dat door het hergebruiken van een trap zo’n 50.000 euro kon worden bespaard. “Dat is op dit hele project misschien weinig. Maar het is nog steeds wel geld dat je bespaart. Bovendien voorkom je transport, afval en nieuwe productie van staal met coating. Het vraagt wel extra inzet van Uitvoering,” erkent ze: “De fundering was niet precies hetzelfde. Er moest nog extra geslepen en gelast worden voordat we de trap konden hergebruiken.” En ook vooraf moet er meer werk worden verricht, omdat er geïnventariseerd moet worden welke spullen er zijn. Vervolgens moet de puzzel gelegd worden met welke stukken waar passen en of er nog passtukken ontworpen (en geproduceerd) moeten worden.
Redacteur: Saskia Groenendijk - Mobilis
Fotografie: André Sprong – Anderebouwfotografie.nl
Geerte Kotteman en Marianne van Lochem
Het systeem kantelen, stap voor stap
Een van de grote uitdagingen is volgens Geerte het doorbreken van gewoontes. “In de Uitvoering zie je: ‘Oh, lekker makkelijk, we kunnen ook nieuw bestellen. Want dan is het precies zoals we het willen.’ Maar er is gedragsverandering nodig. Door onze projecten wordt hergebruik normaler, totdat het de norm zal zijn.” Marianne benoemt het probleem breder: “We hebben allerlei ingesleten patronen die we maatschappelijk met elkaar accepteren.”
Om dat te doorbreken, werken Geerte en Marianne met wat zij een “Reverse Uitvoering” noemen. Niet alleen denken in ‘hoe bouwen we iets nieuws’, maar in ‘hoe demonteren we iets zó, dat we het elders weer kunnen inzetten’. Voorwaarde is wel dat de juiste informatie beschikbaar is over de materialen. “Wat voor soort beton of staal is het, zodat de constructeur daarnaar kan kijken? Is het dan nog inderdaad even sterk op de nieuwe locatie waar het toegepast wordt?”
Het betekent ook: extra werk in de voorbereiding, met inventarisatielijsten en technische toetsing. Maar juist door die stappen en wat het oplevert zichtbaar te maken, zetten ze mensen aan het denken.
Bouw als ervaring, niet alleen als hinder
Naast het technische werk zit er ook een culturele kant aan hun missie. Circulariteit vraagt om een andere mentaliteit bij ontwerpers én bouwers. Marianne: “De essentie van mijn vak is: je pakt een viltstift, je ontwerpt iets, en het ontwerp is goed en innovatief als we het nog nooit eerder gezien hebben.” Maar dat idee van ‘nieuw is beter’ willen ze juist ombuigen: “Hoe beleef je datzelfde gevoel terwijl je bestaande elementen in een ander perspectief zet?”
Dat vraagt ook om een andere benadering van esthetiek. “Door me te richten op de afmeting en de vorm van de ruimte en niet op de uitstraling van omhullende materialen, ontstaat vrijheid om met materiaalhergebruik te werken.”
De combinatie die wij hier hebben is goud waard. Omdat je dan inderdaad dingen gaat proberen en doen. En je ziet wel waar het op uitloopt. Dat vereist lef, nieuwsgierigheid en vertrouwen – in elkaar én in het proces.
Geerte Kotteman, ontwerpleider Mobilis
Veranderen begint bij doen
Voor Marianne en Geerte is het duidelijk: als je circulair bouwen wilt laten slagen, moet je niet alleen praten – je moet het doen. “Je hoeft niet alles meteen perfect te doen”, zegt Marianne. “Maar laat zien dat het kan.” Geerte bevestigt dat: “Dan zie je vaak dat er meer mogelijk is dan dat in eerste instantie wordt gedacht.”
Het vraagt wel doorzettingsvermogen. “De grootste bedreiging van projecten die zo groot zijn als dit project, is de roulatie van personeel”, zegt Marianne. “Mensen moeten de mogelijkheid krijgen om het project af te maken.” De kans om een ontwerpidee ook echt gebouwd te zien worden – en te zien hoe het zich door de tijd heen transformeert – is zeldzaam, leerzaam en waardevol.
Samen pionieren – een gouden duo
Misschien is het grootste geheim van hun succes wel de samenwerking zelf. “De combinatie die wij hier hebben is goud waard”, zegt Geerte. “Omdat je dan inderdaad dingen gaat proberen en doen. En je ziet wel waar het op uitloopt.” Dat vereist lef, nieuwsgierigheid en vertrouwen – in elkaar én in het proces.
En precies dát is de boodschap aan collega’s in de bouw: Begin! En begin samen. Marianne: “Op dit moment bewijzen we op dit project dus dat het kan.” Een tijdelijk perronhekwerk vandaag, kan morgen een functioneel onderdeel zijn in een heel andere context. “En dan ga je pas echt verschil maken.”
De bouw van het nieuwe station Amsterdam Zuid blijft voorlopig in volle gang. Wil je de resultaten van het team van Marianne en Geerte bekijken? Breng dan een bezoek aan het metrostation Amsterdam Zuid of volg het laatste nieuws via www.zuidas.nl